Schimmen van het koloniale verleden
-
Cultuurwetenschappen
-
CB5702
-
5 EC
-
Vanaf € 396
Inhoud
Centraal staat daarbij het objectbiografische analysemodel van Krzysztof Pomian. Hij stelt dat de betekenis van voorwerpen tot stand komt door zes variabelen: de sociale plaats van een object, zijn omgeving, de verbale context, de wijze van exposeren, het publiek en het gedrag rondom het object. Dit proces van betekenisgeving gebeurt vaak met een specifiek politiek doel en in het kader van actuele belangen. Kwesties van macht en identiteit spelen dan ook altijd een grote rol.
De cursus is als volgt opgebouwd. Eerst neem je kennis van de academische en maatschappelijke debatten rond kolonialiteit, postkolonialiteit en dekolonialiteit en de toespitsing daarvan op de representatie en expositie van voorwerpen uit de voormalige koloniën in musea.
Vervolgens maak je kennis met het objectbiografische analysemodel, en leer je het toe te passen. Je wordt in dit deel begeleid aan de hand van zelftoetsen met automatische feedback. Twee uitgebreide casussen illustreren het analysemodel: het standbeeld van J.P. Coen in Hoorn en twee obia-voorwerpen in de collectie van het Wereldmuseum.
Tot slot ga je aan de slag met een eigen casus, gekozen uit een lijst met door docenten aangedragen voorbeelden. Je analyseert de betekenisverschuivingen van het gekozen object met behulp van het model van Pomian en verbindt dit met een analyse van verschillende standpunten. Dit verwerk je in een werkstuk.
Leerdoelen
Algemeen
In deze cursus leer je:
- academische teksten te lezen en begrijpen,
- analyseren en academisch schrijven
Specifiek
Na afloop van deze cursus kan je,
- het huidige wetenschappelijk debat over de doorwerking van het kolonialisme weergeven,
- het objectbiografische analysemodel van Pomian op concrete casussen toepassen,
- een werkstuk schrijven waarin je verslag doet van jouw analyse en een eigen conclusie formuleert.